Hoofdstuk 4 Het belang van de boer

HET BELANG VAN DE BOER

Voldoende inkomen en goede arbeidsomstandigheden

 

Waar gaat het hoofdstuk over?

De boeren wereldwijd krijgen vaak slechts een klein percentage van de prijs die wij voor het voedsel betalen. Door armoede en gebrek aan kennis worden ze gedwongen hun levensmiddelen tegen een te lage prijs aan een kleine groep machtige tussenhandelaren te verkopen. Met als gevolg dat ze gevangen blijven in een vicieuze cirkel van armoede en lange, zware dagen moeten maken om enigszins het hoofd boven water te houden. Naast lage lonen en lange dagen werken, zijn er ook problemen rondom arbeidsomstandigheden en mensenrechten. Sterker nog, er zijn nu zelfs meer slaven op de wereld dan in de hoogtijdagen van ons donkere slavernijverleden en deze slaven werken ook deels in de voedingsindustrie.

Belangrijkste les?

Wanneer je in een supermarkt loopt en je ziet een product dat uit een ontwikkelingsland komt én arbeidsintensief geproduceerd wordt, dan kunnen de alarmbellen gaan rinkelen als het gaat om een eerlijk loon en goede arbeidsomstandigheden.

Citaat:

‘Natuurlijk spelen de politiek en het bedrijfsleven een belangrijke rol om de voedselketen eerlijker te maken, maar toch is de kracht van een groep consumenten moeilijk te overschatten – iets wat grote bedrijven maar al te goed weten.’

Dilemma:

‘Natuurlijk is het zielig dat kinderen moeten werken voor onze aankopen. Maar als ik die producten niet meer koop, hebben deze kinderen toch juist helemaal niets meer?’

Verrassende tip:

Let op, lees het etiket. Soms mag een product het Fair Trade keurmerk voeren als één voedingsmiddel gecertificeerd is (bijvoorbeeld hagelslag waarvan de suiker volgens het keurmerk gecertificeerd is en de cacao niet).